Den Haag, 6 maart 2026 | Het kabinet heeft vanmiddag besloten een deel van het wetsvoorstel Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (Vbar) te schrappen. Het gaat om het verduidelijkingsdeel (Vba) dat duidelijk zou moeten maken wanneer iemand werkt als zelfstandige en wanneer als werknemer. “Het is goed dat het kabinet erkent dat dit deel van de wet tot onrust leidde in de markt,” zegt VZN-voorzitter Connie Maathuis. “Zelfstandigen en opdrachtgevers hebben vooral behoefte aan duidelijke en werkbare regels, zodat opdrachten niet onnodig verdwijnen. We zien het schrappen van het verduidelijkingsdeel van de Vbar als een erkenning van onze jarenlange oproep dat de voorgestelde regels onvoldoende duidelijkheid boden.” De handhaving op schijnzelfstandigheid blijft ongewijzigd.

Verdere uitwerking Zelfstandigenwet
Het kabinet wil nu verder werken aan de Zelfstandigenwet die zelfstandigen een duidelijke positie moet geven. “Wij zullen het kabinet blijven aanspreken op een wet die recht doet aan de grote groep zelfstandigen in Nederland. Zij leveren een belangrijke bijdrage aan de economie en verdienen een wettelijke positie die past bij modern ondernemerschap,” aldus Maathuis.

Invoering Rechtsvermoeden werknemerschap
Daarnaast wil het kabinet wel doorgaan met het voorstel om laagbetaalde zzp’ers een sterkere rechtspositie te geven. Zelfstandigen die tot 38 euro per uur (peildatum 1 januari 2026) verdienen kunnen zich beroepen op een rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst. De opdrachtgever moet dan aantonen dat er géén sprake is van een dienstverband. Connie Maathuis: “Wij hebben steeds gepleit voor de invoering van het rechtsvermoeden. Daarmee wordt bescherming geboden waar dat nodig is, terwijl er tegelijk erkenning blijft voor mensen die écht als ondernemer werken.”